97 procent van de jongeren vindt sociale media niet betrouwbaar

Al die nonsens op sociale media… … Verpest dat niet onze jeugd? Op de vraag in het Nu.nl lezerspanel of sociale media als geloofwaardige bron worden gezien, antwoordt 56 procent van de onderzoekdeelnemers ontkennend. 21 procent zegt wel op sociale media te vertrouwen als nieuwsbron. Onder jongeren (18 tot 34 jaar) zegt 53 procent sociale media te gebruiken als nieuwsbron, terwijl slechts 3 procent ze betrouwbaar vindt. Met andere woorden: 97 procent ziet ‘t wel maar wèèt dat het bijna altijd onzin is wat je daar leest. Geruststellend.

Gaten in de filterbubbel

Zitten we allemaal al opgesloten in onze eigen filterbubbel of valt het wel mee? Het laatste, zo werd onlangs weer bevestigd in een onderzoek. Sociale media doen met hun algoritmes wel hun best je voor te schotelen wat je waarschijnlijk ‘leuk’ vindt maar, net zoals meeste mensen, enorm veel media door elkaar gebruikt is het effect beperkt. Wie al een tijdje meegaat herinnert zich nog de tijd van de verzuiling: katholieken alleen naar de KRO en lazen de ooit kerkelijke Volkskrant, ‘rooien’ keken naar de VARA en lazen het Parool. Over filters gesproken.

 

Laat je robot even een interviewtje doen

Financiële persbureaus zetten helemaal in op robotverslaggevers, schrijft NYT. Bloomberg zou zelf al een derde van zijn verhalen met artificiële intelligentie in elkaar zetten. Als je het artikel goed leest, staat er dat ze cijfers uit jaarverslagen kraken en achter elkaar zetten. De tijd dat je robot even een interviewtje doet is nog ver weg.

 

Oppassen met persoonlijke aanvallen in blogs en helemaal bij Amerikanen…

‘I’ll sue you’: de rechtbank in de VS scheidsrechter voor zowat elk conflict. Court case-verslaafden roken elkaar uit met dure smaadprocessen. En dat overkwam ene Pepijn, weblogger van een clubje sceptische wetenschappers, die wilde aantonen dat een zekere Italiaan schijnwetenschap bedreef en daarbij nogal op de man speelde (‘oplichter of schijnwetenschapper?’). De club van skeptici ging er bijna failliet aan, schrijft de Volkskrant. Sowieso altijd oppassen met het argumentum ad hominem – en dus helemaal als het om Amerikanen gaat.

Uitspraken op sociale media – voor je het weet wijst die vinger naar jou

Vreselijk ongeluk met kinderbakfiets in Oss. Een lerares zet een ‘grove’ reactie op Facebook, aldus een krant. Die moet wel heel erg geweest zijn: ze zou zelfs voor ontslag worden voorgedragen na ‘duizenden’ negatieve reacties, aldus De Telegraaf. Uitspraken doen op sociale media, dat is toch een soort van openbaar. Heel wat anders dan de koffiemachine, de huiskamer – of de lerarenkamer. Voor je het weet maakt  er ‘nieuws’ van en wijst die vinger naar jou. Eigenlijk moet je je bij elke post die je plaatst afvragen ‘wat als dit een krantenkop wordt?’

Daar zal je ze hebben: de cord-cutters

‘Kijk jij nog wel ’s tv?’ ‘Ja, op m’n telefoon.’ In de VS gingen zegden mensen massaal hun (daar nogal dure) kabel-tv abonnement op. Alleen al in 2016 waren dat er 22 miljoen. En nu krijgen we dat hier ook. Nog maar 200.000 in 2017. Maar dat kunnen er snel meer worden, schrijft De Telegraaf. YouTube, RTLXL en Netflix worden snel belangrijker. Bij mensen onder de 30 zijn ze dat al. Live ‘t voetbal volgen op je smartphone is al heel gewoon. Tv gaat de vaste lijn van de telefoon (wie gebruikt die nog behalve oma?) achterna.

Feiten moeten we hebben, want meningen hebben we al zat

Het aantal mensen met een mobiele telefoon is de afgelopen 25 jaar gestegen van bijna nul tot (A) 1,5 miljard/ (B) 2,5 miljard / (C) 4,5 miljard. Antwoord A of B dacht je? Not. C. En bijna de helft van de wereldbevolking, 3,5 miljard mensen, heeft toegang tot internet. Zo extreem is de communicatierevolutie. Het aantal mensen dat in extreme armoede (minder dan 2 dollar pers dag) leeft is gedaald van 50% in 1966 tot maar 9% in 2017. En dat zijn nog maar een paar positieve feiten uit deze bestseller die door NRC Handelsblad werd uitverkoren tot één van de vijf managementboeken van 2018 die je gelezen móet hebben. Laat je dus niet teveel beïnvloeden door gebazel over fact-free communicatie. Feiten doen er nog steeds toe.

Een videofilmpje aan het begin van een onderhandeling – zo gek nog niet

‘Hello? White House here. Kan je even en videootje in elkaar zetten voor we naar Singapore gaan? Het moet een neptrailer zijn voor een film die ‘twee keuzes’ heet en flink over de top zijn. Noord-Korea een paradijs of een paria, zoiets.’
Zou het zo gegaan zijn? Als je hoort dat Kim helemaal gek is op Hollywoodfilms zou het nog kunnen ook. In elk geval is dit de definitieve doorbraak van de onderhandelingsvideo.

Wat is nog ‘echt’ in de tijd van nepfilmpjes

De camera ziet wat wij willen dat de camera ziet. Hadden we al Photoshop en Faceswap om foto’s van jezelf en anderen te manipuleren, nu zijn er ook de nepfilmpjes die niet van echt te onderscheiden zijn.  ‘Deepfakes’ waarbij gezichtsuitdrukkingen zo goed in bewegend beeld zijn gemonteerd dat je niet meer kan zeggen of wat je ziet echt bestaat.  Journalisten, maar ook communicatieadviseurs hebben een nieuwe rol: uitzoeken wat echt en wat nep is. Zie hier het interessante artikel in AD.

Het charisma van Dijkhoff


Een hele kunst om Eva Jinek af te bluffen, maar Dijkhoff kan het. Heel even verraadt zijn pokerface gespeelde verbazing en het publiek bespelend, drukt hij Jinek in de verdediging. Wat is daarvoor nodig? Een hoop zelfvertrouwen. Een snelle geest. Natuurlijk. Maar zien we hier ook niet een moderne, berekenende (zo niet ‘populistische’) politicus aan het werk die weet hoe hij de lachers op zijn hand kan krijgen? Pim Fortuyn kon het. Dries van Agt kon het. Plotseling is het onbelangrijk geworden of je verhaal klopt. Die man, daar kan je mee lachen. Dat zit erin, of het zit er niet in. Maar ook al zit het er maar een klein beetje in, je kan het oefenen en trainen. En je kan kijken hoe de meester het doet.